:

Welke typen boerderijen zijn er in Brabant?

Stef Koster
Stef Koster
2025-08-07 16:13:38
Count answers : 25
0
Brabant staat bekend om haar langgevelboerderijen. Veel boerderijen in Brabant hebben ook die vorm. In oostelijk Brabant komen meer soorten boerderijen voor. Het gaat over hallehuizen, hoekgevelboerderijen, kortgevels, krukhuizen en dwarshuizen. Ook na de introductie van de langgevelboerderij blijven er ontwikkelingen en ontstaan er weer allerlei varianten. En met de ontginning van de heide en het peelgebied introduceerden de ontginners ook nog soorten boerderijen vanuit andere delen van Nederland, die je in Oost-Brabant zelden ziet.
Fem Geldens
Fem Geldens
2025-07-26 02:02:27
Count answers : 25
0
De Dwarshuisgroep (ook wel: Zuidelijke Huisgroep) beslaat het grootste deel van Noord-Brabant en Limburg. Bekend zijn de langgevelboerderij met als varianten het hoekgeveltype en het langstraatse type, alle in Noord-Brabant voorkomend. De Zeeuwse en Vlaamse Schuurgroep komt voor op de Zeeuwse eilanden en Zeeuws Vlaanderen, in het westen van Noord-Brabant, in het grensgebied van Zeeland en op de Zuid-Hollandse eilanden.
Mirte Fremie
Mirte Fremie
2025-07-23 23:57:54
Count answers : 30
0
Brabant staat bekend om zijn langgevelboerderijen. We zien in het zandgebied van Brabant hallehuizen, hoekgevelboerderijen, kortgevels, krukhuizen en dwarshuizen. Ook na de introductie van de langgevelboerderij blijven er ontwikkelingen en ontstaan er weer allerlei varianten. En met de ontginning van de heide en het peelgebied introduceerden de ontginners ook nog soorten boerderijen vanuit andere delen van Nederland.
Thomas Hofman
Thomas Hofman
2025-07-14 08:45:07
Count answers : 22
0
In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijfsgedeelte met daarin de stallen en de opslag. Het hallehuis komt op veel plekken in Nederland voor. Het werkgedeelte bestaat meestal uit een middendeel en twee zijgedeelten. Het middenstuk huisvest het deel met de werkruimte en dorsruimte voor stro en graan. De smalle zijbeuken zijn voor vee en werktuigen. Vanuit deze basisvorm zijn vele streekgebonden varianten ontstaan. In het Rivierengebied bijvoorbeeld werd het voorhuis tot een T-vorm uitgebouwd. Deze boerderij heet dan ook de T-huisboerderij. In Zuid-Holland werden onder het woongedeelte kelders gebouwd. Hierdoor ontstonden de bekende opkamers. In Brabant werden de gebruiksruimtes niet meer naast, maar achter elkaar gebouwd zodat er langgerekte panden ontstonden. Deze boerderijen worden langgevelboerderij genoemd. Grofweg loopt het gebied vanaf de zuidgrens van Groningen en Friesland tot aan Noord-Brabant en Noord-Limburg en van oost naar west. Een hallehuis bestaat uit een rechthoekig gebouw. Voorin is het woongedeelte en achter bevindt zich het bedrijf
Sami Hoekstra
Sami Hoekstra
2025-07-03 23:01:47
Count answers : 20
0
De provincie Noord-Brabant kent door zijn omvang en verschil in bodem een aantal soorten boerderijen. Deze zijn echter allemaal terug te voeren op een zelfde oorsprong: het hallehuis. Bij dit type boerderij bevinden de woning en het bedrijfsgedeelte zich onder één dak en zijn meestal gescheiden door een muur. De oudste vorm hiervan is de hoekgevelboerderij, waarbij tegen de ene helft van de voorgevel een kamer werd uitgebouwd. Dit boerderijtype met alle toegangen in de zijgevels is bekend onder de naam langgevelboerderij. Dit is voor de zandgronden van de provincie Noord-Brabant het meest karakteristieke type.