Een weg kan dus niet zomaar worden afgesloten voor het openbaar verkeer.
Wil een weg aan de openbaarheid worden onttrokken, dan is een besluit van de gemeenteraad nodig.
De raad bereidt een dergelijk besluit voor op grond van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 Awb.
Dat wil zeggen dat eerst een ontwerpbesluit ter inzage wordt gelegd, waartegen zienswijzen kunnen worden bericht.
Ook moet de raad het definitieve besluit mededelen aan Gedeputeerde Staten.
Een belanghebbende kan de raad formeel verzoeken gebruik te maken haar bevoegdheid.
De beslissing om al dan niet met toepassing van artikel 9, eerste lid, van de Wegenwet een weg aan het openbaar verkeer te onttrekken, behoort tot de bevoegdheid van het bevoegd gezag, dat daarbij beleidsruimte heeft.
De Afdeling toetst of de nadelige gevolgen van het besluit niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen en of het college in redelijkheid tot het besluit heeft kunnen komen.
Vergelijk de uitspraak van de Afdeling van 27 december 2018.
Uit de uitspraak van 27 december 2018 volgt ook dat voor het besluit tot onttrekking van een weg(deel) geen dringende reden hoeft te bestaan.
De bestuursrechter beoordeelt dus of de raad in redelijkheid tot het bestreden besluit heeft kunnen komen.
Tegen de weigering van de raad om een weg aan de openbaarheid te onttrekken kan administratief beroep worden ingesteld bij Gedeputeerde Staten.
Gedeputeerde Staten kan dan besluiten het verzoek in te willigen, en besluiten alsnog de weg aan de openbaarheid te onttrekken.
Tegen de uitspraak van Gedeputeerde Staten staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.