Als het glad op de weg is, geeft het KNMI een waarschuwing op zijn website.
Blijf kalm en ga langzamer rijden.
Denk aan de vuistregel voor mist: halveer je snelheid en verdubbel de afstand tot je voorligger.
Want op een beijzelde weg kan je remweg wel drie tot vier keer zo lang zijn.
Rijd voorzichtig en houd minimaal drie seconden afstand tot je voorligger.
Wees voorzichtig met sneeuw.
Niet alleen ijzel kan de weg veranderen in een ijsbaan, sneeuw kan er ook wat van.
De sneeuw wordt vastgereden door andere weggebruikers, waarna de bovenlaag bevriest en spekglad wordt.
Of het tegenovergestelde gebeurt: strooizout verandert de sneeuw in een natte brij, waar zelfs winterbanden een hele kluif aan hebben.
Rustig optrekken vanuit stilstand.
In moderne ŠKODA’s helpt de tractieregeling bij het optrekken vanuit stilstand.
Werkt dat niet, dan is je rechtervoet de tractieregeling.
In auto’s met een handgeschakelde versnellingsbak kun je proberen op te trekken in de tweede versnelling.
Om te voorkomen dat de motor afslaat, speel je voorzichtig met de koppeling en het gaspedaal.
Als je weet dat het glad is wanneer je de weg opgaat, maak het jezelf dan zo makkelijk als mogelijk.
Vertrek op een rustig moment, maak de auto helemaal sneeuw- en ijsvrij zodat je uit alle ramen kunt kijken en bouw extra reistijd in.
Zet je bestemming in het navigatiesysteem om verkeersupdates te ontvangen en alternatieve routes op te vragen.
Rijd rechts op de snelweg.
De rechterstrook is de langzame baan.
Als je daar rijdt, hoef je je niets aan te trekken van het snellere verkeer links van je.
Bovendien is de vluchtstrook vlakbij.
Raak je in de slip of moet je plotseling uitwijken, dan heb je een lege strook asfalt tot je beschikking.
Een betonnen back-up.
Volg de strooiwagens.
Strooiwagens en sneeuwschuivers worden de hoofdwegen opgestuurd, dus grote kans dat die het best begaanbaar zijn.
Zo kan het gebeuren dat het op de snelweg allemaal wel lijkt mee te vallen, totdat je een kleinere weg opdraait of een woonerf betreedt.
Dus juich niet te vroeg.
Het nadeel van sneeuwschuivers in de stad, is dat ze langs de straat geparkeerde auto’s ‘klemschuiven’ met een muur van ijs en sneeuw.
Als jou dat een keer overkomt, leg je heel snel een schep in je kofferbak.
Raak je toch in de slip?
Houd je hoofd koel!
Onthoud deze stappen als je toch in de slip raakt: trap de koppeling in, kijk in de richting waar je naartoe wilt gaan en corrigeer met rustige stuurbewegingen.
Als je móet remmen, doe het dan vol overgave.
Blijf het rempedaal tot de bodem intrappen, terwijl het ABS er trillend voor zorgt dat de wielen niet blokkeren en de auto afremt.
Bereid je goed voor.
Wat je nu al kunt doen, is controleren welke banden er onder je ŠKODA zitten (zomer-, winter- of vierseizoenenbanden) en wat de bandenspanning en de profieldiepte zijn.
Als het zomerbanden betreft, kun je besluiten om sowieso thuis te blijven als het sneeuwt.
Of om de ŠKODA-dealer om winterbanden te vragen.
Winterbanden zijn gemaakt voor vrieskou, gladheid en sneeuw, en werken het best met een profieldiepte van 4 millimeter of meer.
Veilige reis!