Krabbetjes die eruit kruipen, open of gebroken oesters, oesters met een rare vorm, een stinkend exemplaar of eentje onder de zeepokken... Onze ogen en neus zijn onze beste zintuigen.
Als je het niet vertrouwt, niet opeten.
Zorg ervoor dat je gaat rapen op een mooie schone plek.
Olie op het water of zwarte modder op de bodem is meestal geen goed nieuws voor de kwaliteit van de oester.
Dichtbij een haven of een industriegebied gaan rapen, raad ik je ook af.
Raap bij voorkeur oesters die bij laag water net boven het water uitkomen.
Ze hebben dan het meest verse water in zich en blijven langer op smaak.
Raap in de regel wanneer de r in de maand is (september t/m april).
In de zomer of bij een erg warm voorjaar loop je de kans dat oesters melkachtig zaadvocht produceren.
Laat je goed informeren over vervuilde oesters en parasieten.
Ben je net tot oesterkoning(in) gekroond, worden je gasten doodziek , omdat jij niet gegoogled hebt op een aanwezig virus of vervuiling.
Voordat je gaat rapen, oriënteer je op internet!
Rapen mag ook alleen langs de dijkvoet in de toegankelijke gebieden.
Je mag dus niet het slik of de zandplaten op om naar een oesterbed te lopen.
Op de site van Het Nationaal Park De Oosterschelde vind je de plekken waar je geen boze oesterkwekers achter je aankrijgt!
Raap alleen op plekken waar je mag rapen!
Waar je niet mag rapen is om verstoring van vogels te voorkomen.
Daarmee geven we ze bij laag water de tijd om te foerageren.